Is het terecht dat de pensioenen van o.a. deelnemers van PME en PMT gekort worden?

Aan het merendeel der deelnemers zijn immers aanspraken toegezegd! Toegezegde aanspraken zouden nimmer gekort mogen worden. De betrokken werkgevers hebben in feite te weinig premie afgedragen aan het Bedrijfspensioenfonds (BPF). Je kan ook zeggen dat het BPF ten onrechte te weinig premie heeft gevraagd aan de gezamenlijke werkgevers!

Dient het BPF hiervoor op te draaien of dient aan de betrokken werkgevers, die in feite de aanspraken toegezegd hebben, alsnog de juiste premie gevraagd worden?

PensioenScheiden, 6 mei 2019

Telegraaf 21 juli 2018 - Verslaggever Jorn Jonker

50PLUS: PENSIOEN NIET KORTEN

De politiek moet ingrijpen nu een korting op pensioenen nabij is. Dat zeft 50Plus die de pensioenfondsen onder meer extra tijd wil geven voor herstel. Daarmee zou de gedwongen korting voorlopig uitblijven. 50Plus-kamerlid Martin van Rooyen wil de wet zo wijzigen dat pensioenfondsen in totaal niet vijf maar zeven jaren tijd krijgen om weer aan alle normen te voldoen. Na de crisis kregen de pensioenfondsen namenlijk vijf jaar om weer financieel op sterkte te komen. Het Pensioenfonds van Metalektro (PME) en het Pensioenfonds Metaal en Techniek (PMT), twee van de vijf grootste fondsen in het land, hebben nog anderhalf jaar om hun dekkingsgraad weer op orde te krijgen. Maar deze krant wees er recent op dat het herstel stageert en korting dreigt. Kamerlid Van Rooyen haakt daar nu op in met een set voorstellen waarmee Pensionada's en mensen die dichtbij hun pensioen zitten, wat lucht krijgen. De politicus vind het sowieso maar niks dat de fondsen moeten korten op de pensioenen omdat ze niet aan de gestelde normen voldoen. Dit terwijl ze wel meer dan 100% dekkingsgraad hebben en nu dus aan al hun verplichtingen kunnen voldoen. "Het is puur een boekhoudkundig probleem dat zelf gecreëerd wordt en waardoor mensen die met pensioen zijn, dat al tijden niet geïndexeerd is, zwaar geraakt worden. Maar ook de mensen die pensioen opbouwen worden door een korting geraakt". De norm voor de fondsen is echter een dekkingsgraad van 104,3%. Die ondergrens ligt hoger dan de 100% waar de metaalfondsen nu net boven zitten. De norm ligt iets hoger, omdat er zo een kleine buffer in wordt gebouwd om toekomstige generaties te beschermen. Zij zjn dan niet ineens extra hard de klos als de dekkingsgraad door een kleine tegenvaller onder de 100% uitkomt. Voor jongeren kan het dus goed uitpakken dat er aan de strengere normen vastgehouden wordt. 50Plus is de eerste partij die na de alarmerende berichtgeving zegt dat de politiek moet ingrijpen. Van Rooyen vindt ingrijpen gerechtvaardigd omdat de rente nu kunstmatig laag gehouden wordt door de Europese Centrale Bank (ECB).

NB Aangegeven wordt dat de norm iets hoger ligt, omdat er zo een kleine buffer in wordt gebouwd om toekomstige generaties te beschermen. Zo wordt gezegd, zij zijn dan niet ineens extra hard de klos als de dekkingsgraad door een kleine tegenvaller onder de 100% komt. ????????

Er is tegenwoordig, toch overwegend alleen sprake van beschikbare premiesystemen! Over wat voor tegenvallers praten we dan?

Financiëel Dagblad 19 juli 2018- Verslaggever Martine Wolzak

Kortingen kruipen dichterbij, indexatie ver weg bij grote pensioenfondsen


De dekkingsgraden van de grote bedrijfstakpensioenfondsen, de belangrijkste graadmeter van hun financiële gezondheid, herstellen nauwelijks. Kortingen op de pensioenen in 2020 of 2021 bij de metaalfondsen PME en PMT, ambtenarenpensioenfonds ABP en Pensioenfonds Zorg en Welzijn (PFZW) komen daardoor steeds dichterbij.
Dat blijkt uit de cijfers over het tweede kwartaal die de grote bedrijfstakpensioenfondsen donderdag publiceren. Kortingen kunnen miljoenen werknemers en gepensioneerden treffen. Bovendien moeten de fondsen deelnemers dan melden dat zij korten, terwijl de economie op volle toeren draait en in de cao's weer redelijke loonsverhogingen worden afgesproken.
'Het herstel van de dekkingsgraden is sterk vertraagd', zegt bestuurder Jos Brocken van het pensioenfonds Metaal en Techniek (PMT) over de eerste helft van 2018. Hij wijt dat aan het lage-rentebeleid van de ECB en aan de toenemende onzekerheid op de financiële markten over de internationale economie. 'Pensioenfondsen hebben geen instrumenten om deze ontwikkeling te keren', aldus Brocken.
'De dekkingsgraad heeft een rentestijging nodig', constateert voorzitter Eric Uijen van het Pensioenfonds van de Metalektro (PME). De afgelopen maanden is de rente juist gedaald. De dekkingsgraad geeft aan of een pensioenfonds genoeg vermogen heeft om alle beloofde pensioenen tot ver in de toekomst te betalen. Bij een rentedaling stijgt de contante waarde van de beloofde pensioenen, dat drukt de dekkingsgraden.
Horde nemen
Wanneer de zogeheten beleidsdekkingsgraad langer dan vijf jaar onder het minimum van 104,3% blijft, moet een fonds op de pensioenen korten. De twee metaalfondsen PME en PMT hebben nog tot eind volgend jaar om deze horde te nemen. 'Daar zijn we op dit moment nog lang niet', zegt Uijen van PME, dat eind juni een beleidsdekkingsgraad had van 101,4%. Bij PMT is dat 101,9%. 'Dus is een verlaging van de pensioenen in 2020 helaas niet uit te sluiten.'
Voor ABP en PFZW breekt het moment van korten een jaar later aan. 'Dat betekent dat we nog 2,5 jaar de tijd hebben om in veiliger vaarwater te komen', aldus PFZW-directeur Peter Borgdorff. 'Dat moet voor onze deelnemers en gepensioneerden niet geruststellend zijn.'
Ook PFZW heeft met een dekkingsgraad van 100,6% nog een lange weg te gaan. De beleidsdekkingsgraad komt wel voor het eerst sinds september 2015 boven de 100% uit. Dit betekent dat (oud)deelnemers hun pensioen voor het eerst in drie jaar weer mee mogen nemen naar een ander pensioenfonds als zij van baan veranderen.
De beleidsdekkingsgraad van ABP stond eind juni op 103,9%. Als de dekkingsgraad slechts een paar tienden van een procent hoger staat aan het einde van het jaar, zijn kortingen van de baan.
Indexatie
Vorig jaar liepen de dekkingsgraden van de pensioenfondsen nog hard op. Dat was vooral te danken aan de stijging van de rente en aandelenmarkten eind 2016 en begin 2017. Dat tikte nog lang door in de beleidsdekkingsgraad, die een gemiddelde is over de voorgaande twaalf maanden. Maar dit effect is inmiddels uitgewerkt. Bij een aantal fondsen is de actuele dekkingsgraad inmiddels weer lager dan de beleidsdekkingsgraad. Dat zal het gemiddelde de komende tijd weer omlaag halen.
De grote bedrijfstakpensioenfondsen waarschuwen niet alleen voor kortingen. Zij wijzen deelnemers er ook op dat indexatie, het verhogen van de pensioenen om inflatie te compenseren, er de komende jaren waarschijnlijk niet in zit. Om te mogen indexeren is een dekkingsgraad van tenminste 110% nodig, pas bij 125% is volledige indexatie mogelijk.
De gemiste indexatie wordt steeds pijnlijker voor gepensioneerden, met name nu de inflatie oploopt. De koopkracht van een ABP-pensioen is bijvoorbeeld al met ruim 13% gedaald. Ook bij de ondernemingspensioenfondsen worden veel pensioenen niet of nauwelijks geïndexeerd. Bij AkzoNobel leidt dat inmiddels tot luid protest van de vakbonden.

Telegraaf 14 juni 2018 - Door Leon Brandsema

Dreiging pensioenkorting blijft

Meer dan 10 miljoen Nederlanders zijn deelnemer bij een pensioenfonds waarvan een korting nog altijd dreigt. Maar die kans daarop is afgelopen jaar wel iets kleiner geworden.

Dat blijkt uit een publicatie van toezichthouder De Nederlandsche Bank over de staat van de pensioenfondsen. Het goede nieuws: bij steeds meer fondsen kan het pensioen geïndexeerd worden. Maar die luxe is alleen voor kleine fondsen en een klein deel van de deelnemers weggelegd. Voor korten en indexeren van pensioen wordt gekeken naar de beleidsdekkingsgraad van de fondsen. De dekkingsgraad laat zien hoeveel een pensioenfonds in kas heeft ten opzichte van de verplichtingen. Zijn de verplichtingen € 100,- en zit er € 110,- in kas, dan is de dekkingsgraad 110%. De beleidsdekkingsgraad is het gemiddelde over de afgelopen 12 maanden. De ligt vooral bij de grote fondsen (ABP, PFZW, PME en PMT) nog onder de 104,2%. Als dat eind 2019 nog zo is, dreigt voor sommige fondsen een korting. Het plaatje is er in 2017 wel wat beter uit komen te zien, stip DNB aan. Dat komt vooral door de goede beliggingsresultaten in 2017, waardoor de buffers van de pensioenfondsen weer iets meer op orde raakten. Een probleemkindje blijft volgens de DNB de premie die de deelnemers betalen. Die ligt bij veel fondsen lager dan er nodig is voor de inkoop van het aan de deelnemers toegezegde pensioen. Die te lage premies gaan ten koste van het herstel.

Telegraaf 1 november 2017 - Verslaggever: Onbekend

Pensioen: Gemiddeld gaat 't goed

Onder de gemiddelde cijfers van de pensioensector die De Nederlandsche Bank dinsdag naar buiten bracht, gaat nog veel leed schuil.

Door de bank genomen heeft de pensioensector een prima derde kwartaal achter de rug. De actuele dekkingsgraad ging in de zomermaanden met 2,2 punten omhoog naar 108,3%.
Dat wil zeggen dat het gemiddelde fonnds voor elke € 1000,- aan pensioenverplichtingen € 1.083,00 in kas heeft. De doorsnee beleidsdekkingsgraad - het gemiddelde over de laatste 12 maanden - steeg zelfs met 2,6 punten naar 104,5%. De pensioenfondsen profiteerden van prima beurswinsten: + 4,9% voor de Dow Jones-index in New York en 5,9% voor onze AEX. De valuta-effecten werkten in het nadeel van de fondsen, maar niet genoeg om de koerswinst teniet te doen. In totaal hebben de pensioenfondsen in drie maanden tijd € 18 miljard meer in kas gekregen. Eind september stond het totaal op € 1,3 biljoen. Daar staat een lichte verlaging van pensioenverplichtingen tegenover. Voor de gemiddelde gepensioneerde is dat goed nieuws: het schrikbeeld van pensioenkortingen raakt nu verder uit beeld. Bijna dertig fondsen die aan het eind van het tweede kwartaal nog niet mochten indexeren, kunnen hun pensioenen inmiddels weer deels of zelfs helemaal laten meestijgen met de prijzen. Bij elkaar zijn die fondsen goed voor circa 200.000 deelnemers en gepensioneerden. Definitieve besluiten over indexeren of korter laten tot na het einde van dit jaar op zich wachten. Al dat goede nieuws is - helaas voor miljoenen deelnemers - maar het halve verhaal. Bij 63 pensioenfondsen, waaronder reuzen als het ABP en het pensnioenfonds Zorg en Welzijn, staat de dekkingsgraad nog altijd onder de kritieke grens van 104,2%. Voor bijna 6 miljoen deelnemers betekent dat korten nog altijd dichter bij is dan indexeren.

Telegraaf 19 oktober 2017 - Verslaggever: Onbekend

Pensioenfonds sterkt aan

Dekkingsgraden van de vier grootste pensioenfondsen naderen langzaam een gezond niveau. Dit kwam vooral door een beter beleggingsrendement

Het rendement nam volgens de fondsen toe door een aantrekkende wereldeconomie en een iets oplopende marktrente. De actuele dekkingsgraden liepen flink op, tot voorbij de 100%. Maar de zogenoemde beleidsdekkingsgraden (waarop fondsen moeten korten of mogen indexeren) zijn bij de vier fondsen nog lang niet hoog genoeg. Pas bij 110% mogen zij aanspraken indexeren voor prijsstijgingen. Bij het ambtenarenpensioenfonds ABP is de grens van 100% (waarbij het pensioenvermogen evenveel waard is als de toekomstige verplichting) in zicht, gezien naar 99,3% oplopende dekkingsgraad. Zorgpensioenfonds PFZW komt op een beleidsdekkingsgraad van 96,7% eind september tegen 94,2% na het tweede kwartaal. Metaalpensioefondsen PME en PMT zagen hun dekkingsgraad groeien naar respectievelijk 98,5% en 98,9%.
Pensioenfondsen die langdurig een te lage dekkingsgraad hadden, moeten via een herstelperiode zorgen dat ze aan het einde van 2019 een dekkingsgraad van ongeveer 105% bereikt hebben. Anders moeten ze gaan korten op hun uitkeringen.

 

 

 

Laatstelijk aangepast: 18 juli 2018

Terug naar: PensioenScheiden of Pensioenweetjes